Islam en antisemitisme 1

8 juli 2026

Op het moment van schrijven van dit artikel is de strijd tussen Israël en zowel Hamas in de Gazastrook als Hezbollah in Libanon wat geluwd. Ook de oorlog met Iran, samen met de VS, is nog niet voorbij. Het is niet de eerste keer dat Israël en Hamas of Israël en Hezbollah in een bittere strijd verwikkeld zijn. Hoe komt het toch dat Israël zich steeds gedwongen voelt om deze strijdgroepen aan te vallen? Of omgekeerd, waarom Hamas en Hezbollah zich steeds gedwongen voelen om Israël aan te vallen?

Hamas en Hezbollah zijn fundamentalistisch islamitische organisaties, net als het regime in Iran. Waar komen hun denkbeelden over Israël en de Joden vandaan? En hoe zit het dan met andere moslimlanden? Hoe kijken moslims in Europa of elders op de wereld eigenlijk naar deze strijd met Israël?  En hoe kijken zij naar Joden en christenen, en niet-moslims in het algemeen? Soms lijkt het of Israël geen vrede wil, maar is dat wel zo? Of wordt dit beeld via de media gecreëerd?
Allemaal vragen waar we in dit en een volgend artikel wat dieper naar gaan kijken.

De Islam

Om erachter te komen hoe moslims denken en hoe hun denken beïnvloed wordt, is het goed om te kijken naar de oorsprong ervan. Dat begon met de profeet Mohammed, die eind zesde, begin zevende eeuw na Christus leefde. Hij kwam uit een Arabische familie en groeide op in Mekka, waar vele goden aanbeden werden. Via zijn huwelijk en zakenreizen kwam hij in aanraking met allerlei religies, waaronder het Jodendom en christendom. Hier leerde hij veel over, net als over wat er in de Bijbel staat. Later, toen hij eens in een grot nabij Mekka was, verscheen een geest aan hem, die hij aanzag voor de engel Gabriël (Djibriel). Daar kreeg hij zijn eerste visioen en zou Djibriel hem hebben aangewezen als profeet van de ene god, van Allah. Via een groot aantal volgende ontmoetingen met de engel heeft Mohammed vele teksten opgeschreven, die later de Koran zijn gaan vormen, het boek van de islam.

Mohammed begon al vroeg de mensen ervan te overtuigen dat er maar één god is, Allah, en dat hij zijn profeet is. Zo kreeg hij zijn eerste volgelingen. Veel inwoners van Mekka zagen hem als een afvallige en wilden hem weg hebben. Maar een andere reden was daarvoor nog belangrijker. In Mekka stond namelijk de Kaäba, de gewijde steen van hun meergodenreligie. Veel pelgrims kwamen daar op af, wat veel geld in het laadje bracht. Dat mocht niet in gevaar komen. Vooral daarom wilden ze die onruststoker weg hebben. Mohammed en zijn volgelingen vertrokken naar Yathrib, wat daarna Medina ging heten. Daar begon de islam zich verder te ontwikkelen.

De strijd om het geloof

Vanuit Medina organiseerde Mohammed overvallen op karavaans van en naar Mekka en hij veroverde later (in 630 nC) ook de stad Mekka. De Kaäba was toen nog omringd door allerlei afgodsbeelden vanuit het toenmalig meergodendom. Mohammed maakte daar een einde aan en verklaarde de Kaäba in Mekka als het centrale heiligdom van de islam. Maar de geest erachter bleef dezelfde…
Omdat Mohammed zich coulant opstelde accepteerden velen zijn geloof. Zo verspreide de islam zich via militaire acties en overvallen op stammen en steden. Want niet alleen de door Mohammed beloofde buit was een goed vooruitzicht, ook beloofde hij de mensen via het islamitische geloof dat ze naar het paradijs gaan als ze zouden omkomen.

De Joden in Medina wilden de islam niet als hun nieuwe geloof accepteren. Daarnaast werden ze, mede om diezelfde reden, verdacht van samenspanning tegen de moslims. Voor de moslims was het aanleiding om alle Joden in de stad te verdrijven of te vermoorden.
Naderhand beval Mohammed zijn volgelingen om Joden en ook christenen goed te behandelen, maar dan wel als tweederangsburgers, als ‘dhimmi’s’. Dit was een positie van waaruit zij onmogelijk konden opklimmen. Zo begonnen de moslims zich superieur te voelen aan Joden en christenen en niet-moslims in het algemeen.
Na de dood van Mohammed werd zijn vertrouweling Abu Bakr de eerste kalief, wat ‘opvolger’ betekent.

De volgende kaliefen veroverden vervolgens met geweld het hele Midden-Oosten en Noord-Afrika. De bewoners hadden veelal de keuze tussen het accepteren van de islam als hun geloof of de dood. Tegelijk bracht het kalifaat ook stabiliteit en welvaart, waardoor verreweg de meeste mensen heel pragmatisch kozen voor de islam.

Het streven van de islam

Binnen de islam is het de bedoeling dat mensen zich overgeven aan de wil van Allah. Ook is er het vooruitzicht om na de dood in het paradijs te komen. Daarvoor moet een moslim zich aan de wetten van Allah houden, de goddelijke richtlijnen. Moslims zijn echter overgeleverd aan de wil van Allah. Door goede daden kan een moslim Allah gunstig stemmen. Ook door zich aan de regels en de geest van de Koran te houden kan een moslim daaraan bijdragen. Maar je weet het nooit zeker.

Om een goede moslim te zijn moet hij zich houden aan een aantal pijlers voor het persoonlijke geloof, met vijf zuilen als uitingen daarvan. Het vijf maal daags bidden richting de Kaäba in Mekka en het vasten tijdens de Ramadan zijn een paar van deze vijf zuilen.

Veel moslims interpreteren de Koran naar de huidige tijd. Als het in de Koran dan over ‘ongelovigen’ gaat, gaan veel moslims ervan uit dat hiermee alle niet-moslims bedoeld worden. Daarbij bevat de Koran teksten die oproepen om ongelovigen te bestrijden. Velen binnen de islam nemen die teksten heel letterlijk, hoewel de menselijke moraal in een rustige samenleving de overhand houdt.

Het gaat in de islam echter niet alleen om de Koran. Ook de Hadith en de Soenna zijn geschriften die binnen de islam net zo belangrijk zijn. In deze geschriften komt de haat naar anders-gelovigen veel sterker naar voren. In de Koran worden christenen en Joden de ‘mensen van het Boek’ genoemd, maar in de andere geschriften geldt de opdracht om hen ofwel te bekeren of te doden.

Palestina en de islam

Na de Joodse Bar Kochba-opstand tegen de wrede Romeinse overheersing zijn de Joden rond 135 nC uit het land verjaagd, gedeporteerd of als slaven verkocht. Vele anderen werden vermoord. Het land, dat vanaf toen door de Romeinen Palestina werd genoemd, kwam braak te liggen en verwilderde. Alleen in enkele steden en in Jeruzalem waren Joden achtergebleven. In de eeuwen daarna waren ook groepjes Arabieren in het land komen wonen.

Toen islamitische legers vanuit Arabië ook Palestina veroverden ging de Arabische bevolking al snel over tot deze nieuwe religie. De Joden weigerden, wat voor de moslims weer aanleiding was om velen van hen te vermoorden. Toch bleven ook nu weer Joden achter, die hun God van de Bijbel trouw bleven.

Zo bleef het gedurende vele eeuwen. Ook de kruistochten veranderden uiteindelijk weinig aan de situatie in Palestina.

De Joden en Palestina

De Joden, die over de wereld verspreid waren geraakt, hielden vast aan hun geloof in God. En waar zij vrijheid kregen kwam de regio tot bloei. Dat wekte afgunst. Tegelijkertijd keerde de kerk zich tegen de Joden, die in de ogen van diezelfde kerk hun Heiland hadden vermoord. Het leidde tot haat, verdrijving, moord en doodslag, alleen omdat zij Joods waren. Soms waren er pogroms, waarbij duizenden Joden omgebracht werden. Het kwaad van het antisemitisme heeft zo de eeuwen door een grote rol gespeeld.

Het leidde bij de Joden tot een steeds groter verlangen om terug te keren naar het door God aan hen beloofde land. In de tweede helft van de negentiende eeuw vertrokken steeds meer Joden naar Palestina. Ze kochten daar land van Arabische boeren of ontgonnen de verwilderde gebieden. Zo nam hun welvaart toe, maar ook de afgunst van de Arabische bevolking van het gebied. Daarnaast kwamen overwegend islamitische Arabieren vanuit omliggende gebieden af op de welvaart die de Joden brachten.

Na de Eerste Wereldoorlog kwam een einde aan de Ottomaanse islamitische overheersing. De Britten namen het over. Zij bevorderden de instroom van Joden vanuit de hele wereld. Maar de moslims in Palestina zagen hun ‘dar al islam’, hun islamitische gebied, steeds kleiner worden. Sommigen vonden dat dit gebied aan Allah toebehoorde en niet aan de Joden. Het islamitische geweld tegen Joodse immigranten nam toe. En logischerwijs het Joodse tegengeweld ook. Het begon te escaleren.

Het congres van Bloudan

In 1937 vond het Congres van Bloudan plaats, waar een groot aantal moslimleiders bijeen kwam. Zij waren daar om te bepalen hoe zij moesten omgaan met de toenemende immigratie van Joden naar Palestina. Deze toename kwam vooral door de invloed van Hitler en trawanten in Duitsland. Veel Joden in Europa zagen de bui al hangen en trokken naar Palestina.
Dit congres was een keerpunt in de manier van denken binnen de islam over politiek, strijd en de Joden. De moslimleiders, aangevoerd door de moefti van Jeruzalem, Hadj Amin al-Hoeseini, wilden het congres aanvankelijk in Jeruzalem houden.  De Britten staken daar echter een stokje voor. Zo weken ze uit naar Bloudan in Syrië. De reden voor dit congres was het Britse plan om Palestina op te delen in aparte Joodse en Palestijnse gebieden. Later, in 1947, zou de VN dit plan opnieuw presenteren.

Het congres leidde ertoe dat het politieke conflict vanwege de instroom van Joden omgezet werd in een religieus conflict. Daarbij gingen de moslimleiders het geweld tegen de Joden steeds meer religieus vergoelijken. Religieuze haatteksten werden naar voren gehaald, verzachtende Koranteksten weggeschoven. Tegelijk werd het conflict tussen Joden en Palestijnen verbreed naar de hele islamitische wereld rondom het toenmalige Palestina. Het werd voor de moslimwereld een ‘heilige strijd’, een jihad, om moslimgrondgebied te verdedigen of op de Joden terug te veroveren.

De antisemitische Eindverklaring van Bloudan

Op het Congres van Bloudan werd een eindverklaring opgesteld, dat uiteindelijk vooral een haatdragende aanklacht tegen de Joden was. De eindverklaring was verworden tot een antisemitisch islamitisch pamflet met de titel ‘Islam en Jodendom’. Het bleek een pamflet te zijn met een enorme invloed, waarin Joden werden neergezet als een bedreiging voor de islam en voor de wereld. Het legitimeerde geweld tegen Joden, maar ook meer algemeen tegen elke macht waarvan men vond dat die zich tegen de islam keerde. Het legde de basis voor het latere islamitische terrorisme in al z’n vormen, waarbij al het geweld vanuit de islam gerechtvaardigd werd.

Het vervolg

In het volgende artikel gaan we kijken naar de invloed van het antisemitisme binnen de islam vanaf de Tweede Wereldoorlog tot op de dag van vandaag. Want ook, misschien wel vooral vandaag wordt die antisemitische invloed van de islam op onze samenlevingen steeds sterker en steeds zichtbaarder.
Tegelijk is er het islamitisch geïnspireerde terrorisme. Wat drijft deze mensen om zoveel mogelijk vooral Joden de dood in te jagen en zichzelf erbij? Wat drijft de leden van Hamas en Hezbollah om zich ten koste van hun leven in te zetten om Israël te terroriseren? Welke duistere macht zit daar achter?


Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Meld je dan aan voor de nieuwsbrief!